Categoriearchief: Gedachten

Dreary Jan

To get myself through January is always a struggle. The expectations and unwritten demands of a new year weigh heavily on me. Especially when nature is grey and dreary.

No wind to catch my breath
No frost to bite my cheeks
No snow to light up my eyes
No cold to kick me alive
Just fog to shut me down
Close me in and confine me

I struggle to keep my head above water.

vrouwen en auto’s

Tijdens de vakantie verkeer ik wat vaker op de weg dan gemiddeld. Ik mag dan graag naar auto’s kijken, ook al ben ik een vrouw – dat klinkt dat een beetje als een man die schoorvoetend bekent dat hij graag naar vrouwen kijkt – Het is ook wel vergelijkbaar denk ik.

Ik verwonder me vaak over de lelijkheid van wat er gelijktijdig met mij op de weg rijdt. Ik focus dan op achterkanten, omdat ik daar meestal het langst tegenaan moet kijken. Wat ik dan moeilijk begrijp, is dat, waar mannen zich nogal eens denigrerend uit kunnen laten over vrouwen met een wat breder achterwerk, zij, bij de keuze voor (de achterkant van) hun auto lijken te gaan voor: hoe breder en dikker, hoe mooier. Het kan natuurlijk zijn, dat een dame de auto heeft gekozen en ook niet vies is van een flinke derrière. Maar ik houd niet van zo’n dikke kont, en al helemaal niet als het zo’n breed, uitgezakt model is met een smal torso erboven (op het gebied van auto’s dan hè). En als er ook nog van die dikke banden onder zitten, foeilelijk! Als het om mensen gaat, heb ik weinig moeite met welk soort achterwerk dan ook, zo lang het maar mooi verpakt is.

Een massieve voorgevel waar je een complete picknick op kunt houden, ben ik ook niet van. Maar als ik zo om me heen kijk, verschilt mijn smaak ook daarin met die van de gemiddelde man. Ik heb soms bijvoorbeeld ruzie met mijn zoon over die logge, walvisachtige Porsches. Ik vind ze lelijk, mijn zoon prachtig. Mijn argument is dat ze in de verste verte niet lijken op iets waar Porsche in mijn beleving voor staat: sportief ogend, soepel rijdend, gestroomlijnd. Niets van dat al. Hij vindt het gewoon een mooie auto. Onbegrijpelijk.

Laatst zag ik een jaren 70 model stationwagon Mitsubishi (dacht ik) met zo’n puntig poepertje. Ik zie mijn oom er nog in rijden met een lading kinderen achterin. Tsja, ik snap dat die modellen geen lang leven waren beschoren, maar ze hadden in elk geval karakter.

Nu ben ik ook geen fan van skinny en smal, van mij mag de carrosserie best stevig zijn met een robuuste uitstraling, zolang het complete plaatje maar in balans is. Vroeger was ik gek op Landrovers, van die stoere wagens, lekker hoekig en functioneel, je zag meteen waar ze voor bedoeld waren. Als ik tegenwoordig de tanks zie die Landrover bouwt, denk ik: waarom? Je hele imago naar de bliksem! Nog meer eenheidsworst waar al zoveel van rondrijdt! De een nog hoger, breder en meer gepantserd dan de ander. Misschien is de populaire carrosseriebouw een cultuuruiting van het moderne individu, dat het recht meent te hebben om van steeds grotere hoogte op de ander neer te kijken, steeds meer ruimte voor zichzelf op te eisen, terwijl hij zich afschermt voor de gevoelens en het leed van anderen. Een aardige omschrijving voor hoogmoed, en we weten allemaal hoe het daarmee afloopt.

Er is nog hoop!

Vervreemd

Nu heel veel dingen weer een beetje normaal worden, bekruipt mij het gevoel alsof ik na een lange winterslaap wakker word in een vreemde wereld. Alsof de Titanic weer oprijst uit de ijzige diepte en met een feestende menigte wegvaart terwijl ik, gevangen in de kou, op een ijsschots achterblijf. Het voelt alsof ik niet los kan komen uit de cocon waarin ik maandenlang heb verkeerd. Ik voel me vervreemd van de sociale kringen waarin ik mij voorheen als een vis in het water voelde. Tijdens de lockdowns en sociale beperkingen heb ik geleerd wat mij voldoening geeft en waar ik, ondanks alles, blij van word. Sterker nog, ik vond het best fijn om een tijd weinig mensen te zien buiten mijn naaste familie of goede vrienden. Maar nu alles weer opstart, voel ik me niet meer echt thuis in de groepen waar ik bij hoorde. En dat waar ik altijd een meester in was, mezelf aanpassen aan andere mensen, gaat me niet meer goed af. Contacten met mensen brengen onrust en verwarring. Ben ik dan zo veranderd? Wie ben ik nu dan? Of ben ik juist dichterbij mezelf gekomen? Pas ik nog wel in de kringen waarin ik me thuis voelde? Ga ik me weer aanpassen, of moet ik toch meer proberen mezelf te zijn? Kan ik beter andere wegen inslaan of niet en welke dan? Zoveel vragen die opdoemen en me uit balans brengen.

Als ik dan met al die spoken in mijn hoofd door een veld vol bloemen en grassen loop, de bloeiende lindebomen zie en ruik, of mezelf onderdompel in het groene bos, overspoelt mij zo’n intens gevoel van vrede en rust. Dan weet ik: Welke weg ik in de herrijzende maatschappij ook kies, ik blijf me in elk geval focussen op de steeds verrassende en alles verzadigende natuur, die ik om mij heen kan ervaren. Dat maakt me altijd blij.

Leven!

Zo onooglijk als een nieuwe loot aan deze gevelde boom ontspruit, zo ongemerkt lijkt deze Pasen voorbij te glijden. En toch is het nieuwe leven begonnen. Op een boomstronk, die misschien door velen is afgeschreven als waardeloos, hopeloos, ontspringt het leven. Pasen is het feest van het Leven, met een hoofdletter. Leven na de doodse winter. Leven dat voortkomt uit de dood. In een teleurstellend leven kan zo’n groen sprietje de enige strohalm zijn van hoop op een betere toekomst. Het begin is er…

Not for ever

I’d like to share part of a hymn I heard in a service this morning:

Not for ever by still waters
would we idly rest and stay.*

After that, as I was walking outside, an oystercatcher made a flypast right over my head, loudly shrieking. This black and white bird with its striking red beak always reminds me of the sea. It brings me a glimmer of hope that better days are coming closer.

*from the hymn: ‘Father hear the prayer we offer’

Groeikracht

Het is onvoorstelbaar wat een kracht een groeiende boom heeft. In onze wijk is langs het water overal beschoeiing aangebracht om te zorgen dat de kanten niet afkalven. Tussen die planken of er net achter zijn een paar jaar geleden boompjes gaan groeien, wilgen, berk en els. Als je nu kijkt, zie je dat de beschoeiing gewoon kapot gedrukt wordt. zelfs stalen bouten hebben geen effect op de groei van die boompjes. Ze worden gewoon uit het hout geduwd! Ongelofelijk om te zien.

Het doet me denken aan een uitspraak van Jezus dat als je een geloof hebt als een mosterdzaadje, je bergen kunt verzetten (Mattheüs 17:20). Het gaat daarbij niet om een of ander tovertrucje, maar om groeikracht, denk ik. Geloof in God geeft je blijkbaar zoveel innerlijke energie en motivatie dat er dingen gaan veranderen. In je eigen leven, maar ook in je omgeving en het zet anderen ook weer in beweging, min of meer automatisch. Een boom denkt er tenslotte ook niet over na, wat hij allemaal teweeg kan brengen. Hij groeit gewoon. Dat maakt het voor mij als mens ook een stuk ontspannener. Het is niet zo, dat ik op zoek moet naar bergen om te verzetten. Nee, als je gelooft, krijg je een innerlijke groeikracht waardoor dingen die onwrikbaar verankerd leken, losraken, veranderen en ruimte creëren.

Aalscholvers

Je hebt weleens van die dieren, die je eigenlijk lelijk vindt, maar als je ze beter leert kennen, stijgen in je waardering. Dat geldt voor mij voor de aalscholver. Ik vond ze altijd maar saai, raar en lomp. Zoals ze bijvoorbeeld als een soort duikboten in het water liggen met alleen hun hals, die als een periscoop boven het water uitsteekt. Daar is weinig sierlijks aan. Ook het geluid dat ze produceren is niet echt aantrekkelijk. Het aardige is wel dat ze door hun aanwezigheid (zeker als er, zoals bij ons een hele groep aalscholvers bij elkaar zitten), aantonen dat er veel vis in het water zit. Waar de aalscholver vooral bekend van is, is zijn paalpose met gespreide vleugels. Een aalscholver doet dit om zijn vleugels te drogen. Ze hebben namelijk geen waterdicht verenpak, zoals een fuut. In eerste instantie denk je dan, dat is niet handig! Maar doordat hun veren geen water afstoten, blijft er ook geen lucht tussen hun veren hangen – wat hun drijfvermogen zou vergroten. Daardoor hebben ze de mogelijkheid om langer en dieper te duiken en kunnen ze zelfs onder water achter vissen aan jagen. Ze zwemmen dan met hun vleugels als peddels en poten als motor en kunnen zo tot wel 30 meter diep duiken! Dat vind ik echt bijzonder en maakt dat ik meer bewondering voor aalscholvers heb gekregen. En zo’n vogel die je op een paal met gespreide vleugels begroet op een grijze dag, bezorgt me zeker een warm gevoel.

Kijk omhoog

De weinige wolken die er zijn, jagen langs de hemel. De wind blaast het spinrag uit mijn hoofd. Ik kijk omhoog naar de blauwe lucht en de zeilende wolken. Voor even laat ik alle muizenissen varen. Wow wat een lucht geeft dat! Eigenlijk doen we dat veel te weinig, omhoog kijken. Meestal lopen we met ons gezicht naar beneden, alleen gericht op het pad. Vaak kijken we niet eens om ons heen. Jammer, want je mist dan zoveel. Maar nu hef ik mijn hoofd omhoog en deze Engelse uitdrukking past er prachtig bij: it lifts my spirit!

Licht

Ik voel me erg down vandaag. Alsof een donkere, vettige wolk in mijn hoofd is neergedaald, die ik niet van me af kan schudden. De lockdown restricties worden verder aangescherpt. Sinds vorige week mogen we helemaal niet meer zingen in openbare ruimtes (waar ik tot 2 weken terug nog steeds mee mocht zingen in de Grote Kerk) en nu wordt er waarschijnlijk een avondklok ingevoerd. Mijns inziens gaat de overheid zich daarmee in zijn vingers snijden. Er zijn namelijk grenzen aan wat je mensen op kunt leggen. Ik zie dat echt uit de hand lopen. Dat is een van de redenen waardoor ik me slecht voel.

Vaak als ik in zo’n sombere bui naar buiten ga, laat God mij weten, dat hij er nog steeds is: “Kijk om je heen. Ben ik niet zichtbaar in alles wat ik heb gemaakt?” Natuurlijk weet ik dat wel, maar ik wil het niet altijd binnen laten komen in mijn hart …

Maar vandaag kwam hij toch weer binnen! Ik wandelde over de kunstmatige heuvel vlakbij ons huis. Het uitzicht dat je van daar hebt, is fantastisch. Je kunt over het water, bomen en huizen heen kijken en dat is in Nederland redelijk bijzonder te noemen. Er stond daar bovenop behoorlijk wat wind – ik houd van wind, het geeft een gevoel van vrijheid – en ik keek naar het zuiden. Terwijl ik zelf onder donkere wolken stond, zag ik in de verte een heldere streep licht onder de wolken vandaan komen. Licht aan de horizon!

Omdat dat nog niet voldoende was om mijn duistere gemoed te verlichten, viel mijn oog even later op een jonge scheut, die tussen het hoge gras stond te flapperen in de wind. Het bleek een gehavend, jong eikenblaadje te zijn, die onder een al even onooglijk eikenboompje stond. Hoe mistroostig het er ook uitziet, toch geeft het hoop, er groeit iets nieuws! Ook in de wereld zal er steeds iets nieuws opkomen, waardoor we weer verder kunnen. Nieuw leven, nieuwe ideeën, nieuwe wegen. Het bezorgt me een glimpje hoop, een knipoog van boven: “Ik laat deze wereld niet los. Ik ga iets nieuws maken, nu ontkiemt het. Heb je het nog niet gemerkt?” (Jesaja 43: 19). Het maakt dat ik me klein en gezegend voel.

Ripple effect

Today is tough. It’s gloomy, rainy all day, everyting is wet. Not very appealing to go outside. I’m ‘lucky’ to have a dog who needs to go out, so I have to as well, but it’s no picnic I can tell you. Still it’ll do me good, especially since I’m focused on things that draw my attention or find amazing.

Because there are so many puddles with the constant dripping of raindrops in it, I’m interested in the ripples they cause. One drop can set a whole puddle in motion. I hope my attention for beauty in nature also has a ripple effect. Hopefully people will start looking differently to the nature that surrounds them.

Geen makkelijke dag vandaag: somber, de hele dag regen, alles is nat, niet echt aantrekkelijk om naar buiten te gaan… Nu heb ik de ‘mazzel’ dat ik wel naar buiten móet met de hond, maar het is geen pretje. Toch merk ik dat het me goed doet. Zeker nu ik me steeds focus op dingen waarover ik me kan verwonderen, of die ik kan béwonderen.

Omdat er zoveel plassen zijn, waar de regen continu in drupt, kijk ik met interesse naar de rimpelingen die dat veroorzaakt. Eén druppel kan een hele plas in beweging brengen. Ik hoop dat mijn aandacht voor schoonheid in de natuur ook een rimpel-effect heeft. Een positief gevolg voor mensen die dit lezen en met andere ogen naar hun omgeving gaan kijken.